Preventieve vaccins worden toegediend om B lymfocyten te stimuleren tot de productie van antilichamen. De taak van deze antilichamen is om het virus te neutraliseren voordat dit het cervix epitheel kan infecteren (13). De afgelopen jaren verschenen enkele artikelen over de resultaten van placebogecontroleerde gerandomiseerde studies naar de effectiviteit van preventieve vaccins tegen baarmoederhalskanker (14-17).
In bovengenoemde studies werden twee vaccins getest bestaande uit zogenaamde virusachtige deeltjes, "viruslike particles" (VLP) van de meest voorkomend high risk HPV typen (HPV 16 en 18), die werden toegediend aan gezonde vrouwen tussen 15 en 25 jaar. Deze VLP vaccins zijn zelf niet infectieus. Uit de studies is gebleken dat er geen ernstige bijwerkingen van de vaccins zijn te verwachten. Bovendien bleek dat vrouwen die een vaccin kregen toegediend minder vaak persisterende infecties HPV 16 en 18 én premaligne afwijkingen aan de cervix vertoonden. Dit effect werd inmiddels getest tot 60 maanden na vaccinatie (14-17). De resultaten van deze studies zijn dus uiterst bemoedigend.