1. Gelet op de bovenbeschreven argumenten acht de werkgroep profylactische vaccinatie als primaire preventie tegen baarmoederhalskanker aanbevelenswaardig, zinvol en veilig bij jonge meisjes in de leeftijd van 10-12 jaar. Implementatie in het Rijksvaccinatieprogramma heeft de voorkeur. Vaccinatie met de nu aanwezige vaccins is een belangrijke stap op weg naar uitbanning van (pre) maligne afwijkingen veroorzaakt door HPV. Bij de besluitvorming moet rekening worden gehouden met een aantal nog onbekende factoren en vragen:
- De duur van de bescherming (thans bekend tot 5 jaar), en dus de mogelijke noodzaak tot booster (herhaal) vaccinatie na een aantal jaren.
- De onwetendheid over het gedrag van andere HPV typen waartegen het vaccin niet beschermt.
2. Omdat de bescherming slechts geldt voor baarmoederhalskanker veroorzaakt door HPV type 16 en 18, blijft deelname van iedere vrouw tussen 30 en 60 jaar aan het bevolkingsonderzoek (BVO) noodzakelijk
3. Vaccinatie van vrouwen na de sexarche (12-26 jaar) in een vaccinatieprogramma (een zogenaamde catch-up (inhaal) vaccinatie) dient overwogen te worden.
4. Het vaccineren op individueel verzoek ( opportunistische vaccinatie) van vrouwen na de sexarche heeft voor het individu hetzelfde kansvoordeel als vrouwen uit groep 3), maar kan maatschappelijke ongelijkheid veroorzaken en mist het voordeel van groepsimmuniteit.
5. Effectiviteit van vaccinatie van jongens en mannen is nog onvoldoende duidelijk.